Professor Guszti Eiben in zijn onderzoeksdagboek

De evolutie van een onderzoek

Op het beeldscherm bewegen stipjes. Computerpersonen. Ze bestaan, maar alleen in de computer van Guszti Eiben. Ze eten, paren, wandelen rond. Ze leren en zijn creatief. Worden geboren en gaan dood. Hun elektronische wereld is de creatie van wetenschappers. Een genesis van een wereld die uiteindelijk de onze moet simuleren. Het is het verhaal van Eiben. Over dromen in de wetenschap. Over een miljoenenproject dat er op miraculeuze wijze toch kwam. Over een nieuwe wereld.

tekst: René Rector, Sciencestories.nl

Het verhaal over de kunstmatige intelligentie van hoogleraar Informatica schreef ik, toen het onderzoek nog maar net begonnen was. Het bevat dan ook nauwelijks resultaten, want die waren er nog amper. Wat ‘De evolutie van een onderzoek’ wel heel mooi laat zien, is hoe de voorbereidingen, het peuteren aan de subsidiekraan en de moeizame maar noodzakelijke internationale samenwerking verliepen. Het is een kant van onderzoek die uiteindelijk in de vakliteratuur niet of nauwelijks aan bod komt. Het ‘dagboek’ van Eiben neemt je sprongsgewijs mee in twee jaar voorbereiding, die resulteert in een subsidie uit Brussel, en die oplevert waar het om te doen was: ‘agents’ – computerpersonen – die voorzichtig starten met communicatie.

Dit verhaal verscheen in:

eos maandblad over wetenschap