Tagarchief: Intermediair

Terug naar de zandbak

Soms is in de wetenschap een computermodel niet genoeg. Op de Vrije Universiteit bootsen geologen de aardkorst na met bakken vol zand en babycrème.

tekst: René Rector, Sciencestories

Wie aardbevingen of het weer wil voorspellen loopt tegen een vervelend probleem aan: sommige systemen zijn zo complex, dat ze heel lastig natuurgetrouw in een computermodel te stoppen zijn. Voor plaattectoniek beschikt De Vrije Universiteit daarom over een bijzonder lab. In zandbakken wordt er op kleine schaal nagebootst wat in de aardbodem in het groot gebeurt: continentale verschuiving.

Het lab heeft verschillende zandbakjes, die elk een andere continentale drift simuleren. Zo is er een zandbak waarvan de bodem in twee helften langs elkaar kan bewegen. Leg je er zand op, dan zie je een patroon ontstaan dat veel lijkt op de San Andreasbreuk in Californië. In een andere bak kan thrust worden gesimuleerd. Dit doet zich voor als continentale platen tegen elkaar botsen, en één laag over de andere schuift, waardoor een gebergte ontstaat.

Plaattektoniek

Initiatiefnemer Dick Nieuwland vertelt in het interview: ‘Als je plaatverschuiving in een wiskundig model vat, neem je aan dat het model juist is. Zand is een natuurlijk materiaal, dat misschien anders reageert dan je aanneemt, maar wel strikt volgens de natuurwetten.’

Het lab heeft voor de meeste grondsoorten miniatuur-equivalenten. Klei en zout kun je op kleine schaal vervangen door babycrème, gesteenten laten zich vervangen door zand. Het idee om zo in een experiment de plaattektoniek te simuleren, was in de jaren zeventig van de vorige eeuw met succes uitgewerkt door Shell. Voor studenten geeft het lab inzicht in geologische wordingsprocessen. Nieuwland: ‘In het echt zie je immers nooit hoe iets gevormd wordt. Op de geologische tijdschaal is een eeuw al niets.’

Het hele verhaal verscheen in 2001 in:

Intermediair

Het Sandboxlab bestaat nog steeds, inmiddels onder de naam Teclab.

Socioloog in een helikopter

Al de grote problemen van de moderne samenleving in krap tweehonderd pagina’s behandelen, en dat zonder oppervlakkig te blijven. Dat is de schier onmogelijke opgave die socioloog Johan Goudsblom zich oplegt in ‘Stof waar honger uit ontstond’.

tekst: René Rector, Sciencestories.nl

Net met emeritaat blikt Goudsblom in zijn boek terug op de sociale mens die hij gedurende zijn carrière heeft bestudeerd. Hij beschrijft in ‘Stof…’ in grote lijnen welke tendensen de geschiedenis van de mensheid hebben bepaald. Maar Goudsblom is bescheiden: ‘Ik bied geen “theorie van alles”. Natuurkundigen gebruiken die term wel eens. Ik kan me er eerlijk gezegd niets bij voorstellen.’ Tegelijkertijd zoekt hij naar verzoening in het langdurige nature-nurture-debat, maar blijft hij alles wat hij schetst in zijn boek zien in de bredere context.

Dit verhaal verscheen in:

Intermediair

 

Het tweede leven van Santorium Zonnestraal

Sanatorium Zonnestraal in Hilversum werd in de jaren twintig gebouwd met het idee dat tuberculose binnen twintig jaar niet meer zou bestaan. En dat het gebouw daarna eigenlijk wel weg kon. Architecten Duiker en Bijvoet bouwden het ook zo: snel, goedkoop, en niet al te bestendig. En helemaal ingericht op het naar binnen en naar buiten rijden van de bedden met patiënten die moesten genezen van de gezonde en zuivere lucht op het landgoed.

tekst: René Rector, Sciencestories.nl

Dat laatste was vernieuwend, net als het veelvuldig gebruik van beton en andere materialen die toen nog maar mondjesmaat werden toegepast. En dertig jaar later was tuberculose inderdaad geen groot probleem meer. Als sanatorium sloot Zonnestraal haar deuren. Het gebouwencomplex verpauperde. Maar in de jaren negentig moest het òf gesloopt, òf gerestaureerd. En het liefst het laatste, want Zonnestraal was exemplarisch voor de vernieuwing in de tijd dat het gebouwd werd.

Intermediair Het tweede leven van Santorium Zonnestraal foto

Zonnestraal restaureren was op zichzelf vernieuwend in het denken over restaureren. Restaureren betekende altijd: herstellen in oude staat. Maar Zonnestraal was zó vergaan, dat dat onmogelijk was. Bij onderzoek bleek dat de betonnen constructie die het gebouw overeind hield op sommige plaatsen evenveel draagkracht had als een zandkasteel. Restauratiearchitect Wessel de Jonge wikte en woog, en kwam met compromisvolle oplossingen.

Het tweede leven van Santorium Zonnestraal werd gepubliceerd in:

Intermediair