Categoriearchief: Buitenland

‘Het ging me als kind al om de publieke zaak’

De Vrije Universiteit houdt graag contact met haar alumni. Op de alumnisite is in de vorm van een reeks treffende portretten te lezen waar hun alumni zoal terechtkomen. Alumnus Publiek recht en Bestuurskunde Hugo von Meijenfeldt kwam terecht… in San Francisco.

Even is hij over uit San Francisco, maar de tijd die Hugo von Meijenfeldt op Nederlandse bodem doorbrengt, is schaars geworden. Niet dat hij Nederland een minder warm hart toedraagt dan vroeger. Dat kan ook niet als consul generaal. ‘Ik ben er niet voor de Amerikanen, al denken ze dat soms wel.’

tekst René Rector, Sciencestories.nl

Een consul-generaal, wat doe die precies? “Ik ben een diplomaat, maar geen ambassadeur. Een consul-generaal doet geen politieke zaken, maar behartigt de belangen van Nederland. Als het land groot en belangrijk is, zijn er vaak meerdere consulaten. Als consul-generaal coördineer ik alle honorair consuls aan de Amerikaanse westkust.
Voor een deel moet je dan denken aan het afgeven van paspoorten aan Nederlanders en visa aan buitenlanders in mijn regio, maar dat soort dingen kost me tien procent van mijn tijd. Voor negentig procent ben ik economische belangen aan het behartigen en probeer ik op die manier de welvaart en welzijn in Nederland te vergroten.”

Wat moet ik me daarbij voorstellen? “Ik spreek mijn netwerk aan, op zoek naar kansen voor het Nederlandse bedrijfsleven. Een voorbeeld: mijn voorganger hoorde dat Tesla in Europa een nieuw distributiecentrum wilde bouwen. Nederland is daar uitstekend geschikt voor, om allerlei redenen: we liggen mooi centraal, we spreken goed Engels, ons belastingstelsel pakt meestal gunstig uit. Als consul ga je dan praten met Elon Musk (de ceo van Tesla, red.) maar je gaat ook praten met Nederlandse overheden, want Musk had er wel oren naar, maar werd wat ontmoedigd door regeltjes en vergunningen. Je brengt mensen met elkaar in gesprek om het voor Nederland voor elkaar te krijgen. Ik ben er niet voor de Amerikanen, al denken ze dat soms wel.”

Is het leuk werk? “Het is superspannend omdat je nooit weet of het lukt, en ontzettend leuk dat je Nederland zo kunt positioneren. Dat past ook goed bij me. Ik ben ervan overtuigd dat als je dingen beter wilt maken voor de mens, je moet werken vanuit het publiek belang. Dat heb ik ook altijd gedaan. Ik ben mijn carrière begonnen bij VROM, en in die tijd hadden bedrijven alleen maar oog voor de kwartaalwinstcijfers, niet voor het milieu. Ik had wel oog voor het milieu: ik was daar als jurist nieuw, en ik ben begonnen met procederen tegen vervuilers, wat toen nieuw was. En óók spannend, want we moesten in de rechtszaal hard maken dat bedrijven die gif gedumpt hadden en de grond later hadden verpatst voor woningbouw, konden weten dat de latere bewoners daar ziek van zouden worden.”

Lees het hele verhaal op de alumnisite van:

Vrije Universiteit Amsterdam

Taalwetenschap: Nog één mens spreekt Latundè

Over de hele wereld verspreid worden ongeveer zesduizend verschillende talen gebruikt. Negentig procent van die talen kent slechts een handvol sprekers. Een onderzoekster van de Vrije Universiteit Amsterdam ontdekte bij de Zuid-Amerikaanse Nambikwara-indianen zelfs een taal die nog maar door één iemand wordt begrepen. Veel andere talen sterven uit zonder dat een mens het weet.

tekst: René Rector, Sciencestories.nl

Hoogleraar Franse taalkunde Leo Wetzels liep op een congres in Brazilië een vakgenoot tegen het lijf die hem vertelde over de schrijnende situatie waarin indianen verkeren: vaak noodgedwongen geven ze hun bestaan in het regenwoud op en trekken ze naar de grote stad. Daar wacht hen de onderkant van de maatschappij. Ze hebben geen opleiding genoten waar ze daar iets aan hebben. Hun kennis over het regenwoud is vaak groot, maar die kennis is in Brasiliá van geen waarde.

Oertaal
Het woord voor ara laat zien hoe de reconstructie van taal-evolutie in z’n werk gaat. Je begint bij de huidige talen (onderste rij) en kijkt naar overeenkomsten. Op basis daarvan stel je vast welke talen korter (middelste rij) of langer geleden van elkaar zijn gegroeid.

Wetzels raakte gefascineerd door de vele talen die in het regenwoud worden gesproken. Hij deed onderzoek naar verschillende bedreigde talen binnen de familie van Nambikwara-talen. Op basis van huidige overeenkomsten probeert hij vast te stellen hoe de talen ergens in het verleden van elkaar afgesplitst zijn om zo iets te leren over hoe talen veranderen en evolueren.

Lesmateriaal

Tegelijkertijd stimuleert Wetzels het behoud van de Nambikwara-talen. Zo ontwikkelt hij samen met zijn team boeken en lesmateriaal in het Nabikwara. Daarmee gaat hij wellicht het uitsterven van taalvariatie tegen. Een van zijn medewerkers stuitte tijdens haar onderzoek bij toeval op een taal met een wel heel beperkt aantal sprekers: één. De promovendus deed onderzoek naar Latundê, een taal die behoort tot de groep van Nambikwaratalen. Ze ontmoette Terezinha, een vrouw die vroeger Lakondê had geleerd, maar die taal nooit meer sprak, gewoon omdat ze niemand kende die die ook machtig was.

Met behulp van zelf ontwikkeld lesmateriaal leren Amazoneindianen hun eigen taal.
Met behulp van zelf ontwikkeld lesmateriaal leren Amazoneindianen hun eigen taal.

Taalwetenschappers maken zich grote zorgen over het verdwijnen van talen. Met de talen verdwijnt namelijk ook de kennis die in die talen besloten ligt. Het viel Wetzels op hoeveel de indianen van hun omgeving weten. De aanwezigheid van een bepaalde vissoort in de rivier leiden ze bijvoorbeeld af uit een soort struik langs de oever. De vissen worden in de bloeiperiode van de struik aangetrokken door de bloesem die ze eten.

Wetzels: ‘De Brazilianen weten dit natuurlijk niet, ze hebben geen woord voor de struik, noch voor de bloesem noch voor de vis. Als de indianentaal verloren gaat, gaat dus ook de mogelijkheid verloren om dit via taal door te geven. En dit is maar een minuscuul fragment van de complexe kennis die deze mensen hebben opgebouwd en die in hun taal opgesloten ligt.’

Dit verhaal, dat werd voorgedragen voor de Vlaamse Noord-Zuid-prijs, verscheen in:

eos maandblad over wetenschap

Stage in Manila: ‘Omlaag tot aan Smoky Mountain’


Zelf als kind gevlucht voor het regime in Afghanistan, wilde CMV-student Thirjeet Gurwara (26) een stage buiten zijn comfort zone. Hij wilde zien hoe mensen in extreme armoede Omlaag-tot-aan-Smoky-Mountain-1overleven en drong door tot één van de allerarmste sloppenwijken ter wereld. Hij wist dat hij zou breken. De vraag was alleen: wanneer?

tekst: René Rector

Het verhaal van Thirjeet liet zich niet in achthonderd woorden vertellen. Het werden er daarom wat meer. Het verhaalt van zijn motivatie om af te reizen naar een plek waar je niet wilt zijn, de manier waarop mensen er een bestaan opbouwen en hoe ze toch ook de vreugde in hun leven vinden. Sterker nog: eigenlijk vinden de kinderen die leven op de vuilnisbelt Smoky Mountain hun leven best normaal.

Omlaag-tot-aan-Smoky-Mountain-3Het is normaal om geen stromend water te hebben. Geen douche. Weinig eten. Dan, na ongeveer een week het leven filmen van de mensen daar, is Thirjeet er getuige van hoe tussen de vuilnis een overleden kip gevonden wordt. ‘Die verbranden ze niet. Het is slachtafval, maar zij maakten er soep van.’

Nog terwijl de camera draait, als een kille registratie van wat er gebeurt, komen achter de camera de tranen… Bovenal vertelt dit multimediale verslag in vier delen over de manier waarop ervaringen in je studententijd bepalend zijn voor de jaren daarna.

Dit verhaal verscheen op de website van:

Link magazine van de Haagse Hogeschool

Sarka Jiraskova: ‘Uiteindelijk is eenzaamheid daar je grootste vijand’

Sarka Jiraskova wilde graag een korte buitenlandstage: twee maanden onderzoek naar biologische brestrijding van een woekerende watervaren in een Senegalese rivier. Ze bleef echter meer dan een jaar weg, om pelikanen te leren achter een microlight (een deltavlieger met een motortje). Die training, van pelikanen Simpson en Karcher, leidde tot een publicatie in Nature over de energie-efficiëntie van het vliegen in formatie – een knappe prestatie voor de masterstudente.

tekst: René Rector, Sciencestories.nl

Het vliegen achter een microlight was nodig om goede filmompnamen te kunnen maken voor de film Winged Migration (of: Travelling Birds). Tegelijkertijd onderzocht het team hoe pelikanen eigenlijk vliegen. In een openhartig interview vertelde Jiraskova hoe onderzoek in een multinationaal onderzoeksteam in de tropen te werk gaat, hoe het lukte om de pelikanen te filmen en hoe de bestrijding van de watervaren volledig mislukte omdat de Senegalese regeringsvertegenwoordigers een mooie foto in de krant belangrijker vonden dan het gecontroleerd uitzetten van de snuitkevers die de waterplant moesten gaan opeten.

Dit verhaal verscheen in Natuur en Techniek, een voorloper van:

NewScientist